Uitleg · België

Beleggen via een vennootschap: belasting DBI-bevek en meerwaarden

Ontdek hoe beleggen via een Belgische vennootschap werkt: DBI-bevek, belastbare meerwaarden, de afzonderlijke aanslag en de stap naar privé.

Auteur
Redactie Leren Investeren
Onderwerp
België
Leestijd
03 min leestijd
Bijgewerkt
Beleggen via een vennootschap: belasting DBI-bevek en meerwaarden — educatieve illustratie voor beleggers in België

Beleggen via een Belgische vennootschap

  • Beleggen met vennootschapsgeld valt onder andere regels dan een particuliere portefeuille.
  • De particuliere 10%-meerwaardebelasting en vrijstelling van € 10.000 zijn geen algemeen vennootschapsregime.
  • De DBI-aftrek en de vrijstelling van aandelenmeerwaarden zijn voorwaardelijk.
  • Een DBI-bevek is geen garantie op belastingvrij rendement: vanaf aanslagjaar 2026 bestaat een afzonderlijke 5%-aanslag op bepaalde vrijgestelde meerwaarden.
  • Vergelijk ook de kosten en de latere stap van vennootschap naar privé.

Dit overzicht is gecontroleerd op 10 september 2026 en gaat over een Belgische vennootschap die aan de vennootschapsbelasting is onderworpen. Het is educatief en is geen persoonlijk beleggings- of fiscaal advies. Een vzw onder de rechtspersonenbelasting is fiscaal niet hetzelfde als zo'n vennootschap.

Wie is eigenaar van de belegging?

Wanneer een vennootschap belegt, bezit zij de effecten. De aandeelhouder bezit aandelen in de vennootschap, maar kan het belegde bedrag niet zonder verdere stap als eigen geld besteden. Daardoor zijn er twee vragen: wat betaalt de vennootschap over het rendement, en wat gebeurt er wanneer middelen later naar privé gaan?

De FOD-pagina Aangifte noemt 25% als standaardtarief van de vennootschapsbelasting. Dat percentage is niet op ieder beleggingsinkomen simpelweg toe te passen: vrijstellingen, DBI-aftrek, afzonderlijke aanslagen en eventuele verlaagde regimes vragen een eigen beoordeling. De nieuwe wet over financiële meerwaarden maakt een gewone vennootschapsportefeuille niet onderworpen aan de particuliere jaarvrijstelling.

Wat zijn definitief belaste inkomsten?

DBI staat voor definitief belaste inkomsten. Het stelsel kan voorkomen dat bepaalde inkomsten binnen een vennootschapsketen opnieuw in de belastbare winst worden opgenomen. Het is geen vrijstelling voor alle beursopbrengsten. Deelnemingsvoorwaarden, de fiscale aard van de uitgekeerde inkomsten en andere wettelijke voorwaarden blijven relevant.

Voor gewone deelnemingen noemt de FOD-circulaire 2025/C/63 onder meer de minimumdeelneming van 10% of een aanschaffingswaarde van € 2,5 miljoen. Voor de tweede mogelijkheid geldt vanaf aanslagjaar 2026 bij een niet-kleine verkrijgende vennootschap ook de eis van financiële vaste activa. Een loutere beleggingspositie voldoet niet automatisch aan die boekhoudkundige en economische kwalificatie.

Dit zijn geen volledige toelatingsvoorwaarden. Dezelfde circulaire benadrukt bovendien uitzonderingen op de minimumdeelneming voor bepaalde beleggingsvennootschappen. Een particuliere ETF-logica één op één naar vennootschappen overzetten is daardoor onjuist.

Wat maakt een DBI-bevek bijzonder?

Een bevek is een beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal. Een DBI-bevek is ingericht om, voor zover aan de wettelijke voorwaarden is voldaan, inkomsten te leveren die voor de Belgische DBI-behandeling in aanmerking komen. Niet ieder fonds of iedere uitkering kwalificeert volledig.

De benaming alleen volstaat niet. De statuten, het uitkeringsbeleid, de onderliggende inkomsten en fiscale attesten bepalen welk deel in aanmerking komt. Ook de vrijstelling van meerwaarden op aandelen is een andere juridische stap dan de aftrek van ontvangen dividenden. Circulaire 2025/C/63, onderdelen III en IV.

De afzonderlijke aanslag vanaf aanslagjaar 2026

De wet van 18 december 2025, artikelen 46–50, voegt artikel 219sexies WIB 92 toe. Dat voorziet in een afzonderlijke aanslag van 5% op bepaalde aandelenmeerwaarden, voor zover die overeenkomstig artikel 192 § 1 vrijgesteld zijn. Het toepassingsgebied omvat onder voorwaarden aandelen van beleggings- en vastgoedvennootschappen waarvan uitgekeerde inkomsten in minstens één eerder belastbaar tijdperk als DBI zijn afgetrokken. Private privaks en gelijkgestelde gevallen kennen een uitzondering.

Het is dus onjuist om 5% als universele belasting op alle DBI-uitkeringen te behandelen. De wet koppelt daarnaast de verrekening van roerende voorheffing op bepaalde DBI-dividenden aan een minimale bedrijfsleidersbezoldiging, met uitzonderingen. Zonder die toets kan een verwachte teruggaaf wegvallen. De hier bedoelde wijzigingen gelden vanaf aanslagjaar 2026; dat is een ander tijdsbegrip dan inkomstenjaar 2026 bij een particulier.

Een eigen voorbeeld van de 5%-aanslag

Een vennootschap realiseert in een belastbaar tijdperk verbonden aan aanslagjaar 2026 een meerwaarde van € 12.000 op een kwalificerend beleggingsfonds. Voor dit fictieve voorbeeld staat vast dat de volledige meerwaarde vrijgesteld is onder artikel 192 § 1, dat eerdere dividenden als DBI zijn afgetrokken en dat geen uitzondering op artikel 219sexies geldt.

Afzonderlijke aanslag = € 12.000 × 5% = € 600.

Van deze meerwaarde blijft vóór andere kosten en fiscale correcties € 11.400 in de vennootschap. Met € 350 fictieve economische kosten resteert € 11.050. Die laatste aftrek is alleen een economische weergave: de fiscale aftrekbaarheid van de kosten is hier niet vastgesteld. Het resultaat is nominaal en betreft nog geen netto privé-inkomen.

Wanneer is een vergelijking met privé zinvol?

Een bruikbare vergelijking begint met hetzelfde beschikbare bedrag en dezelfde beleggingshorizon. Neem vervolgens afzonderlijk de belasting over de bestaande ondernemingswinst, de beleggingen, de productkosten, de administratie en een eventuele latere privé-uitkering mee. Geld dat nog nodig is voor bedrijfsuitgaven kan bovendien geen vergelijkbaar risico dragen als lang beschikbaar privévermogen.

De belasting op dividenden behandelt de particuliere ontvangstzijde. De meerwaardebelasting behandelt gewone privéverkoopwinsten. De Reynderstaks is weer een andere fondsregeling en geen synoniem voor DBI.

Welke risico's blijven bestaan?

Een fiscaal passend fonds kan duur zijn of koersverlies opleveren. Een vrijstelling van winst impliceert ook niet dat verliezen symmetrisch aftrekbaar zijn. Liquiditeitsbehoefte, concentratie, fondsvoorwaarden en de correcte fiscale boeking kunnen belangrijker zijn dan één tarief.

Het Belgische belastingoverzicht geeft de bredere context. De keuze tussen privé en vennootschap vraagt een volledige berekening van het concrete dossier; deze pagina stelt geen standaardbesparing of oprichtingsadvies voor.

Veelgestelde vragen

Heeft mijn vennootschap recht op de vrijstelling van 10.000 euro?

De gewone particuliere meerwaardevrijstelling is geen algemene vrijstelling binnen de vennootschapsbelasting. De vennootschap volgt haar eigen fiscale regime.

Zijn alle winsten van een DBI-bevek vrijgesteld?

Nee. De kwalificerende inkomsten, fondsvoorwaarden en fiscale attesten zijn bepalend. Bovendien bestaat vanaf aanslagjaar 2026 een afzonderlijke aanslag van 5% op bepaalde vrijgestelde meerwaarden.

Is geld in mijn vennootschap hetzelfde als privévermogen?

Nee. Een vergelijking moet ook rekening houden met de fiscale en juridische gevolgen van een latere uitkering aan de aandeelhouder.

Is een gewone ETF automatisch een DBI-bevek?

Nee. De beursnotering of het woord ETF bewijst niet dat de voorwaarden van het Belgische DBI-stelsel vervuld zijn.

Geschreven door Redactie Leren Investeren · Redactie

Laatst bijgewerkt op 2026-09-10

Gepubliceerd op

Bronnen

  1. 6 APRIL 2026. - Wet tot invoering van een belasting op meerwaarden op financiële activa Belgisch Staatsblad / Justel, geraadpleegd 2026-09-10
  2. 18 DECEMBER 2025. - Wet houdende diverse bepalingen Belgisch Staatsblad / Justel, geraadpleegd 2026-09-10
  3. Circulaire 2025/C/63 over de voorwaarde inzake de minimumdeelneming in het stelsel van de definitief belaste inkomsten (DBI) FOD Financiën, geraadpleegd 2026-09-10
  4. Aangifte FOD Financiën, geraadpleegd 2026-09-10
Onafhankelijk leren

Klaar om slimmer te leren beleggen?

Begin bij de basis en bouw stap voor stap een plan dat je zelf begrijpt.